Verhalenlezen.nl - Voor al uw verhalen en sprookjes. Ook hebben we liefdes verhalen en erotische verhalen.

De verdwijning van het kwaad.

U leest om dit moment het verhaal De verdwijning van het kwaad gepost door Eline Kraaijenvanger. Dit verhaal is gepost in de categorie liefdes verhalen. Wilt u een zelf geschreven, of een mooi verhaaltje posten? Klik daarvoor hier.

Wilt u terug naar liefdes verhalen?
Categorie: liefdes verhalen
Gepost door: Eline Kraaijenvanger
Gepost op: 2009-1-26

Verhaal:

De verdwijning van het kwaad
Veel plezier met lezen...

Het is het jaar 2079. Ik lig op het groene gras aan het Geldmeer. Een toepasselijke naam als je bedenkt dat mensen er elke dag wel aan 40 euro geld in gooien. Je kan het vergelijken met de Trevi-fontein die in 2008 in Rome te vinden was. Mensen geloofde dat als je er geld in gooide en maar hard genoeg wenste, je wens ook echt uitkwam. Toen lukte dat natuurlijk niet, maar nu…. Nu komen zelfs mensen uit verre landen zoals Terima, een land dat ligt aan de grens van Tsiki, hier naar onze stad om het beroemde Geldmeer te zien. En elke wens die ze doen komt ook echt uit. Zo langzamerhand begint het de mensen te vervelen en het geld stroomt niet meer toe. Ik vind het fijn om alle rust te voelen die het meer uitstraalt. Ik steek mijn hand uit en strijk over het meer.

Ik voel de rimpelingen van het meer onder mijn hand en ik zucht. Gelukkig zijn we hier in Yaki terechtgekomen. Het is een rustig stadje aan de Kalme Zee. Alles is veranderd de afgelopen 15 jaar dat ik hier op deze aarde leef. Natuurlijk kan ik me niet veel meer herinneren van de tijd toen ik net geboren was, maar mijn moeder heeft het me allemaal uitgelegd. Net voordat ik geboren was, brak de lucht plotseling in tweeën. De gemene Filrio nam al zijn volgelingen mee naar ‘De overkant’ zoals het nu wordt genoemd. Niemand noemt het bij zijn eigenlijke naam, omdat zodat bang zijn dat Filrio terugkomt naar Qumir. Tot nu toe hebben we geen last meer gehad van Filrio maar je weet maar nooit. ‘De overkant’ is een gevaarlijke plek. Alle slechte dingen heeft Filrio meegenomen. Dingen zoals de dood, pijn, demonen en mishandelaars. Ik kom weer terug in het heden en ik kijk naar de donkere vlek die zich elke dag meer uitbreidt over de blauwe lucht. Elke dag wordt Filrio sterker en sterker. Mijn moeder heeft al verschillende bezoeken gehad van de regering, die haar steeds weer opnieuw waarschuwen voor de sterker wordende krachten van Filrio. “Laila? Waar ben je?” Ik schrik op uit mijn gedachten door een heldere stem die mijn naam roept. “Laila!” hoor ik weer. Ik open mijn ogen en kijk recht in het gezicht van mijn beste vriend Thybe. “Hee, waar was je nou al die tijd?” “Hier,” ik lach. “Je moeder vroeg aan mijn of ik je wilde gaan halen. Ze heeft je iets heel belangrijks te vertellen,” Ik spring op en ren samen met Thybe naar ons huis toe. Als we in Yaki komen is iedereen in paniek. We kijken elkaar vragend aan. Ik stap op een platform en trek Thybe er ook op. Net op tijd want het platform brengt ons al omhoog. Ik ren de trap op. “Mam? Waar ben je?” “Laila, ben jij dat,” hoor ik een stem uit de badkamer komen. Ik hoor een klik en de deur gaat langzaam open. “Mam, wat is er?” Mijn moeder wenkt me. “Ik moet heel even…,” zegt ze tegen Thybe. “Ja, is goed ik zie je zodadelijk oké?” Hij springt weer op het platform en zoeft naar beneden. Ik verdwijn in de badkamer. Mijn moeder valt gelijk met de deur in huis. “We moeten hier weg,” Ik kijk verschrikt. “Weg?” Mijn moeder knikt en grijpt nog wat spullen uit de kast. “De kracht van Filrio is op zijn allergrootst vandaag, de regering is net geweest. Ze komen zo weer terug. Ze verwachten een aanval,” Ik blijf stil totdat mijn moeder me de gang op duwt en me een koffer in mijn handen drukt. “Ik vraag Maki wel of ze je helpt met inpakken,” Mijn moeder zoeft naar beneden met het platform en even later komt Maki weer boven. “Bliep, ik jou helpen,” Maki rolt naar mijn kasten toe en begint alles in te pakken. Ondertussen loop ik naar mijn nachtkastje en pak mijn tele-zie. Ik stop het apparaatje in mijn oor en ik krijg gelijk verbinding met Thybe. “Heeft jouw moeder het je al verteld?” “Nee, wat is er?” Ik was vergeten dat Thybe’s ouders naar Wasri op vakantie waren. “Kom snel hierheen!” Ik zie dat Thybe zich omdraait en begint te rennen richting mijn huis. Ik doe mijn tele-zie uit en zie dat Maki alles al heeft ingepakt. “Dankjewel Maki,” “Bliep, geen danke,”

Ik hoor dat het platform weer omhoog zoeft en even later staat Thybe in mijn kamer. Hij is buiten adem. “Mijn moeder heeft weer bezoek gehad van de regering, iedereen heeft bezoek gehad,” “Vandaar dat iedereen zo in paniek was, wat zij de regering dan?” “Filrio is zo sterk vandaag, de regering denkt dat hij gaat aanvallen,” Thybe’s mond valt open en hij ploft neer op mijn bed. “En mijn ouders dan?” “Die zitten wel veilig in Wasri, en jij kan met mijn moeder en mijn meekomen,” Thybe kijkt opgelucht. “Denk je dat we je hier achterlieten?” Ik kijk hem lachend aan. “De regering komt ons zodadelijk ophalen met de Flyxi, dus je moet je spullen nog even inpakken. Ik vraag wel of Maki ons helpt,” Ik trek hem aan zijn arm omhoog en ik roep Maki. Dan zoefen we met z’n drieën naar beneden. “Mam, we gaan Thybe even helpen met inpakken! Mijn koffer staat in mijn kamer,” We rennen weg voordat mijn moeder kan protesteren. Maki rolt achter ons aan. “Bliep, bliep,” We stappen op het platform van Thybe’s huis en zoefen snel naar boven. Daar aan gekomen begint Maki gelijk met het inpakken van Thybe’s reistas. We helpen zo snel mogelijk mee. Als we bijna klaar zijn, horen we harde geluiden van buiten komen. “Daar zijn ze,” We gooien snel de laatste dingen in z’n tas en zoefen weer naar beneden. Iedereen kijkt naar boven en we kijken ook. We zien de ministers naar beneden komen met de Flyxi’s. Ze schreeuwen en iedereen rent door elkaar om hun koffers te pakken. Ik sleep mijn eigen koffer naar buiten en zet hem neer voor de derde Flyxi in de rij. Ik kijk om me heen en zie dat mijn moeder zoekend om zich heen kijkt. “Mam!” Ze kijkt en komt naar me toe rennen, zo goed als dat kan met een loodzware koffer. “Ik heb al een Flyxi, heb jij Thybe gezien?” Mijn moeder schudt haar hoofd. Ik zet mijn koffer snel neer. “Blijf jij even bij de Flyxi staan, ik ga Thybe zoeken,” Ik ren door de menigte van mensen. “Thybe!” Ik stoot Titsai aan, mijn buurmeisje. “Heb je Thybe gezien?” Ze steekt haar arm uit naar rechts en ik ren die richting uit. Dan zie ik Thybe en ik pak hem bij zijn arm. “Waar was je nou?” Hij draait zich verschrikt om, maar als hij mij ziet glijdt er een glimlach over zijn gezicht. “Ik dacht dat je al weg was gegaan,” “Zonder jou?” Ik omhels hem. “Kom, ik heb al een Flyxi aangehouden, mijn moeder wacht bij de Flyxi op ons,” We rennen door alle mensen heen naar de rij van Flyxi’s. Mensen proppen zich nog snel in een Flyxi, terwijl de ministers tegen alle mensen roepen dat ze op moeten schieten. Als we bij onze Flyxi aankomen, zie ik dat mijn moeder er al in zit. Ik doe de deur open en bijna valt het kleine zusje van Garts eruit. “Sorry, Belor. Mam, wij zoeken wel een andere Flyxi. Ik zie je bij het Ryksplein, oké?” Ik hoor het antwoord van mijn moeder niet meer, want Thybe trekt me al mee naar een andere Flyxi. Die zit ook al vol. We kijken om ons heen, op zoek naar nog een lege Flyxi. “Er is geen plek meer!” roep ik naar Thybe. “STAP IN, WE GAAN VERTREKKEN,” klinkt de bulderende stem van de opperster, de ministers der ministers. “Wat nu?” vraag ik wanhopig aan Thybe. “Geen zorgen, we vinden wel iets,” Hij trekt me weer mee naar de achterste Flyxi. “Klim op het dak!” “Het dak?” vraag ik verbaasd. “Ik help je wel,” Hij houdt zijn handen zo dat ik erop kan staan en op het dak van de Flyxi kan klimmen. “Hier,” Hij gooit zijn tas naar mij toe en ik vang hem op. Thybe steekt zijn hand uit en ik trek hem ook op het dak. Net als hij er ook op zit komt de Flyxi met een schok in beweging. Ik slaak een gil en hou me stevig van aan de randen van het dak. We merken dat de Flyxi hoogte begint te krijgen en de druk op mijn oren wordt steeds groter. “We…….den…..el!” hoor ik Thybe roepen. “Wat?” Hij kruipt dichter naar mij toe. “We redden het wel. We hebben altijd elkaar nog,” Hij knijpt even in mijn schouder. Opeens klinkt er een razend gebulder van boven ons. We kijken naar boven en tot onze grote schrik merken we dat Het Zwarte Gat van Filrio open begint te breken. “De ministers hadden gelijk!” schreeuw ik tegen Thybe. De Flyxi’s beginnen sneller te vliegen, maar Het Gat breekt steeds verder open. Op een gegeven moment horen we gekrijs. Steeds harder en steeds meer gekrijs. “Hij laat zijn Corendors los op ons!” We zien de Corendors tevoorschijn komen, steeds sneller. Hun zwarte vleugels klapperen snel op en neer. Hun zwarte haren wapperen in de wind en hun rottende geur van dood en verderf verspreidt zich. Er komen er steeds meer. Ik grijp snel Thybe’s rugzak en rits hem zo snel mogelijk open. Dan haal ik zijn twee zwarte shirts tevoorschijn en geef er een van aan Thybe. “Hier, trek hem snel aan!” schreeuw ik. “Hoezo?” “De Flyxi is zwart. Als wij ook zwart zijn zien de Corendors ons minder snel. Ze zijn kleurenblind!” Thybe grijpt het shirt en trekt hem snel aan. Ik rits zijn rugzak weer dicht en trek ook zijn shirt aan. Hij is veel te groot maar dat maakt voor nu niet uit. Opeens trekt Thybe me naar beneden, plat op het dak van de Flyxi. Hij slaat een arm om me heen. “Sst, blijf heel stil liggen,” Na een tijdje gaat hij weer rechtop zitten. Hij kijkt snel om zich heen. "Wat was er?" vraag ik hem. "De Corendors kwamen heel laag overvliegen. De Flyxi's kunnen ze natuurlijk wel zien," Dan worden we bijna van het dak van de Flyxi afgeblazen door een stormwind. Ik grijp naar de randen van het dak en houd me stevig vast. " Thybe?" Ik krijg geen antwoord. Ik kruip heel voorzichtig naar de achterkant van de Flyxi en kijk of ik Thybe kan zien. "Thybe?" roep ik nog een keer. Ik hoor een geluid van half onder de Flyxi vandaan komen. "Wacht daar. Ik kom je helpen," Ik glijd op de kofferbak van de auto en kijk over de achterkant. Ik zie Thybe aan een van de banden hangen. Ik steek mijn hand uit. De wind wordt steeds sterker en ik moet me heel stevig vasthouden. Thybe grijpt mijn hand vast. Het zweet zorgt ervoor dat hij langzaam weer wegglijdt. Ik grijp hem steviger vast. " Trek jezelf omhoog," Met veel moeite lukt het Thybe langzaam om omhoog te klimmen. Als hij naast me zit, omhels ik hem stevig. Ik voel dat Thybe zit te trillen. Ik voel een traan naar beneden glijden, en ik veeg hem weg met mijn hand. Dan wordt het helemaal donker om ons heen. Na een paar tellen vervaagd het donkere en wordt het ineens fel wit. We knijpen onze ogen dicht. Wanneer het felle licht weg is, is het helemaal stil om ons heen. We horen geen enkel geluid meer. Ook voelen we dat de wind steeds kouder wordt. Net zo plotseling als het is verschenen, verdwijnt het ook weer, en we voelen dat de Flyxi's beginnen te dalen. We zijn aangekomen bij het Ryksplein.

Als we weer aan de grond staan, stappen de mensen uit en beginnen ze luid roepend naar familieleden te zoeken. Thybe springt van het dak af en helpt mijn om er ook af te komen. Ik hoor een luide gil en zie dat mijn moeder naar ons toe komt rennen. Ze omhelst ons allebei. "Waar waren jullie?" " We zaten op het dak van de laatste Flyxi," antwoord Thybe. "Op het dak! Het is jouw schuld, jij was weg terwijl wij al een Flyxi hadden gevonden," zegt mijn moeder beschuldigend tegen Thybe. "Waarom bleef je niet gewoon bij ons?" Thybe antwoord niet, maar maakt zich los uit de armen van mijn moeder en loopt weg van ons. "Mam! Waar sloeg dat nou weer op. Je weet zelf ook wel dat dat onzin is!" Ik loopt in de richting waar Thybe is verdwenen. Mijn moeder kijkt me verontwaardigd na en loopt de anderen achterna naar binnen. Ik kijk om me heen, maar kan Thybe nergens vinden. Voor de tweede keer vandaag begint het harder te waaien, de wind wordt ook steeds kouder. Alweer is het na een paar minuten verdwenen en is er niets meer aan de hand. Ik loop weer terug naar de deur waar de anderen door zijn verdwenen. Als ik naar binnen wil gaan, zie ik iets glinsteren. Ik buk en pak het voorwerp op. Tot mijn grote schrik is het de Yarm van de opperster. Een Yarm is een kleine tak. Maar niet zomaar een tak. Het is de wens van de opperster. Een stok die alle krachten heeft die je je maar kan voorstellen. De stemversterker heeft hij net nog gebruikt om boven rumoer uit te komen. Ook heeft hij de Yarm gebruikt om de Flyxi's te laten vliegen. Het is de enige Yarm die er op Qumir te vinden is. En de opperster is de enige die de eigenaar is. Als je niet de eigenaar bent, gehoorzaamd hij alleen uit liefde. Een spreuk die je uit liefde uitvoert. Dan alleen werkt de Yarm. Ik wil naar binnen lopen als ik een schreeuw hoor. Thybe, schiet het door mijn hoofd heen. Onbewust stop ik de Yarm in mijn broekzak en ik ren in de richting waar de schreeuw vandaan kwam. Opnieuw klinkt er een schreeuw, dichterbij deze keer. Ik kijk om me heen en zie dat er iets beweegt bij het grasveld achter het Ryksgebouw. Ik buk snel en sluip dichterbij. De wind wordt steeds killer, naarmate ik dichterbij kom. Ik zie twee figuren. Ik weet zeker dat een daarvan Thybe is. De andere is helemaal in het zwart gekleed en ik kan zijn gezicht niet goed zien. Het is nu ijskoud geworden en ik sta nog maar een paar meter van Thybe af. Ik duik achter een paar struikjes. Thybe staat tegen de muur en kan geen kant meer uit. Ik kan aan zijn gezicht zien dat hij bang is. Dan hoor ik een angstaanjagende fluisterende stem. Mijn nekharen gaan recht overeind staan en ik krijg kippenvel. De man in het zwart begint te praten. "Jij weet wel wie ik ben, of niet?" Thybe knikt snel. "Mooi zo. Ik kan wel iemand zoals jij gebruiken. Sluit je je aan bij mij?" Ik weet niet waar hij het over heeft. Thybe geeft geen antwoord. "Geef antwoord als ik je iets vraag," In een beweging heeft hij een magere hand met wel hele lange vingers vlak naast Thybe's gezicht gezet. Ik slaak een gilletje en sla net te laat mijn hand voor mijn mond. Met een ruk draait de man zijn gezicht mijn richting op en ik zie een gezicht met twee zwarte ogen die glinsteren van woede. Hij heeft een spitse neus en vettig lang haar. Ik schrik als ik dat gezicht herken van alle boeken waar waarschuwingen in staan. Het is Filrio zelf! " Wie is daar?" sist hij. Achter hem probeert Thybe weg te sluipen, maar Filrio draait zich bliksemsnel weer naar hem om en zijn hand sluit zich om zijn keel. Niet hard, maar hard genoeg om hem te laten staan waar hij staat. Hij schreeuwt met een schorre stem, en er verschijnt een brok in mijn keel. Ik wou dat ik iets wist om te doen. Dan herinner ik me de Yarm in mijn zak. Mijn hand gaat langzaam naar beneden en sluit zich om de Yarm. Filrio staat weer met zijn gezicht naar Thybe toe. " Doe dat nog eens een keer en ik sleur je mee naar Tsmario, of zoals jullie het noemen 'de overkant'," Hij lacht gemeen. De tranen lopen over Thybe's gezicht. Ik haal de Yarm langzaam uit mijn broekzak en kijk er een goed naar. Dan zie ik op de onderkant een aantal spreuken staan. " Kalmio er gliomas, toista halsyr esta," Ik herhaal de woorden langzaam, fluisterend. De Yarm is mijn enige hoop. Ik zie dat Filrio nu een ring tevoorschijn haalt en die voor de neus van Thybe laat zien. "Wat is dit?" vraagt hij sissend. "Een..ring?" antwoord Thybe trillend en schor. "Een ring!" Filrio lacht schel. "En niet zomaar een ring, jongen. Dit is de Halmo-Ring, net zoiets als jullie Yarm maar dan 3x sterker, en ik weet hoe je hem moet gebruiken. Als jij me tegenwerkt zul je het resultaat wel merken. Een ring! Ha!" Ik herhaal de spreuk nog een keer in mijn hoofd. Thybe begint te bewegen onder de greep van Filrio, en Filrio kijkt dreigend naar Thybe. "Begin je nu al met tegenwerken? Dat zal snel afgelopen zijn met jou, dan," Hij houdt de Ring vlak voor het gezicht van Thybe. "Rasifo amrka hasio tit…," Ik onderbreek hem. "STOP!" Ik ga snel staan. Filrio draait zich om. "Ik dacht al dat ik iets hoorde," zegt hij glimlachend en hij grijpt Thybe steviger vast. "Nee, Laila, niet doen," schreeuwt hij hijgend. Ik hou de Yarm achter mijn rug. Ik kijk Filrio vastberaden in zijn ogen. "Je bent nog lelijker in het echt dan in de boeken," zeg ik tegen hem. Filrio verstijft en de glimlach verdwijnt van zijn gezicht. "Jij durft wel," sist hij. "Ja, hè," Ik tril. Opeens haalt hij de Ring tevoorschijn. "Dus jij wil sterven voor je vriendje hier," Hij knikt naar Thybe. Ik kijk Thybe aan en er glijdt een traan over mijn wang. "Ja," zeg ik dan trillend. "Jij je zin," zegt Filrio nu weer glimlachend. Hij heft zijn Ring omhoog en begint weer aan zijn spreuk. "Rasifo amrka hasio tit uliof lardet," Precies op hetzelfde moment begin ik met mijn spreuk. " Kalmio er gliomas, toista halsyr esta," Thybe schreeuwt: "NEE!". Ik richt de Yarm op Filrio. Even kijkt hij er verbaasd naar, maar richt dan zijn Ring op mij. Uit de Yarm spuit een lichtblauwe straal. Uit de Ring komt een zwarte straal. Ik blijf staan waar ik sta. Ook Filrio beweegt zich niet. De twee spreuken komen samen en kaatst dan terug naar Filrio. Die wordt aan de kant geblazen en blijft liggen waar hij terechtkomt. Ik laat trillend de Yarm vallen en ren dan naar Thybe toe. Die zit in elkaar gedoken op de grond. Ik leg mijn hand op zijn schouder. "Thybe," zeg ik zacht en ik ga naast hem zitten. Hij kijkt me aan. Zijn gezicht is nat van zijn tranen. "Het is voorbij," zeg ik. Opeens begint de grond te trillen onder ons. Ik spring op en pak Thybe's handen vast. "Kom, we moeten hier weg," Hij laat zich door mij omhoog trekken en zich mee sleuren. Ik breng hem naar het Ryksgebouw, waar al stromen van mensen uitkomen. Ik hou Thybe stevig vast zodat hij niet instort. Hij is nog steeds in shock. "We moeten hier weg, oké?" vraag ik aan hem. Hij zegt niets en kijkt me uitdrukkingloos aan. Ik zeg tegen de dichtstbijzijnde mensen dat ze snel hier weg moeten. De grond begint steeds erger te trilllen. Ik kijk om me heen en zie dat de meeste mensen en de meeste Flyxi al vol zijn en weg zijn gevlogen. Ik heb geen zin om samen met Thybe weer op het dak te zitten en we lopen het bos in, waar het Ryksgebouw aan grenst. We lopen een heel eind richting de Kalme Zee. Aan de rand van het bos gaan we tegen een boom zitten. We zijn ver verwijderd van het Ryksgebouw, maar we voelen de grond nog steeds trillen. Dat trillen gaat langzamerhand over in schokken. Ik ben uitgeput en Thybe is nog steeds in shock. Ik ga tegenover hem op mijn knieen zitten en kijk hem aan. Zijn ogen staan leeg en nietszeggend. Ik neem zijn gezicht in mijn handen. "Hee Thybe, het is al goed, we zijn nu veilig," Niet dat dat waar is, want de grond schokt steeds harder. Hij knippert een paar keer met zijn ogen. "Thybe, Filrio is weg, we zijn ver weg van het Ryksgebouw. Niemand kan ons nu nog iets doen," Hij schud zijn hoofd, en kijkt me dan recht aan. "Echt waar?" Ik glimlach naar hem en pak zijn handen vast. "Echt waar," Hij kijkt me aan en zijn ogen vullen zich weer met tranen. "Ik was zo bang, Laila," "Ik weet het, het maakt niets uit. We waren allemaal bang," "Jij niet, je hebt mij leven gered," Ik lach. "Ik was ook bang," Ik veeg zijn tranen weg. "Hoe kwam je trouwens aan de Yarm?" "Gevonden," "Maar jij bent helemaal niet de eigenaar," " Hij werkt ook als je de spreuk uit liefde doet," Mijn stem wordt zachter en ik kijk naar de grond. Thybe blijft even stil. "Uit liefde…," Ik kijk hem weer aan. Hij lacht naar mij en komt steeds dichterbij. Zijn lippen raken zachtjes de mijne. Boven ons wordt de lucht steeds lichter, en de zon begint onder te gaan. Het schokken wordt steeds minder. Ik open mijn ogen en buig weer terug. Ik kijk omhoog. "Kijk eens Thybe," We kijken samen naar de lucht en de steeds kleiner wordende zwarte vlek. 'De overkant' verdwijnt. Al het kwaad verdwijnt uit de wereld. Filrio is verdwenen. We kijken elkaar weer aan en Thybe slaat zijn arm om me heen. Zo blijven we zitten, en we kijken naar de ondergaande zon…

Laat me weten wat jullie er van vinden
mino_nimo@hotmail.com

Aantal keer bekeken: 1921
Waardering: 8.39 op 10
Geef een cijfer:

Alle rechten voorbehouden 2005-2018 - www.verhalenlezen.nl


Verhalen

Wilt u een verhaaltje lezen uit één van de onderstaande categorieën? Klik dan gewoon op een categorie en u komt op de pagina met de verhalen van deze bepaalde categorie.

Verhalen posten

Hebt u zelf een verhaaltje geschreven? Of een onvergetelijke blunder tegengekomen, of iets anders. En je wilt er anderen mee amuseren, lezen? Met verhalenlezen.nl kan dat geen probleem zijn. Klik hier om een verhaal te posten!


Statistieken

Totaal verhalen: 5175
Totaal categorieën: 10
Totaal 11 bezoekers online