Verhalenlezen.nl - Voor al uw verhalen en sprookjes. Ook hebben we liefdes verhalen en erotische verhalen.

Liefde en Paniek 3.

U leest om dit moment het verhaal Liefde en Paniek 3 gepost door Annelotte Suvaal. Dit verhaal is gepost in de categorie liefdes verhalen. Wilt u een zelf geschreven, of een mooi verhaaltje posten? Klik daarvoor hier.

Wilt u terug naar liefdes verhalen?
Categorie: liefdes verhalen
Gepost door: Annelotte Suvaal
Gepost op: 2009-2-21

Verhaal:

Liefde en Paniek 3
Liefde en Paniek 3

3. Een vreemd begin

Mijn hoofd bonkte, en een keihard krassend geluid deed zo’n vreselijke pijn aan mijn oren dat ik zachtjes kreunde. Langzaam opende ik mijn ogen en knipperde even om de wazige beelden zichtbaar te maken. Felle neonlampen verlichtten de kleine kamer met brandschone, witte muren. Ik lag op een soort ligbed dat je zou verwachten bij de huisarts, maar door het raam zag ik dat dit kamertje deel uitmaakte van de school. Verschillende instrumenten lagen uitgespreid op een kastje naast de ligbedden, en tot mijn afgrijzen zag ik druppels gestold bloed op het ligbed naast me, waarop het beschermende papier gekreukt en gescheurd was. Ik herinnerde me de hele gebeurtenis weer, naast me had die ene jongens gelegen. Maar.. hij lag hier niet meer, en ik wel. Waarom ik wel? Plots hoorde ik gedempte stemmen aan de andere kant van de deur, en door de beglazing heen herkende ik het hoofd van de gymleraar. Alleen stond zijn gezicht nu erg bezorgd, en een frons was verschenen tussen zijn dikke, rossige wenkbrouwen. Ik had medelijden met hem, hij zou waarschijnlijk de schuld krijgen van dit hele ongeval. Maar mijn schuldgevoel was vast groter, wat had ik nu weer veroorzaakt!
“- het meisje?” Ik herkende de stem van de gymleraar.
“Valerie Owen toch?” Deze stem was onbekend.
“Juist ja, hoe gaat het met haar?”
“Toen die aardige jongeman haar naar deze kamer toebracht, voelde ik even aan haar been. Er zit een rechte breuk in haar scheenbeen vermoedt ik, we zullen met haar naar het ziekenhuis moeten gaan om dat vermoeden te controleren. Maar als mijn mening correct is, zal de breuk snel genezen. Binnen een paar of zes à negen maanden zal ze wel weer lichtjes kunnen sporten denk ik.”
De stemmen klonken gedempt en ik hield mijn adem in. Gebroken? Ik had nog nooit iets gebroken, ook al was ik al zo vaak dramatisch en gevaarlijk gevallen. Ik probeerde mijn been te bewegen, maar een pijnscheut deed de doktors vermoeden vaststellen. Ik drukte nog een keer zachtjes op de opgezwollen plek, wat niet erg slim van me was.
“Auw!” Gilde ik. Maar het was eerder de verbazing dan de pijn die me zo deed gillen.. Wat deed dat zeer!
De deur ging open en de doktor holde met een snelheid die je niet van zo’n oude man zou verwachten naar me toe, en legde zijn hand gelijk op mijn hoofd.
“Hoe voel je je?”
“Goed, prima.” Loog ik.
Hij schudde zijn hoofd en legde zachtjes zijn hand op mijn been, waarna de pijn via mijn been naar mijn hoofd schoot en me compleet overdonderde. Ik gilde het uit.
“Ai ai, tja, dat is gebroken. Laat me nog eens voelen.” Hij betaste de pijnlijke plek om mijn been en ik beet op mijn lip, wachtend tot die zelfde vreselijke pijn zou inslaan. Ik voelde de pijn, maar deze was niet zo erg als eerst. Toch beet ik zo hard op mijn onderlip, dat deze waarschijnlijk begon te bloeden. Ik proefde het ietwat zoute vocht op mijn tong.
“Merkwaardig..” Mompelde de dokter, meer tegen zichzelf dan tegen mij of de gymleraar die zich zo afzijdig mogelijk probeerde te houden.
“Wat?” Vroeg ik, mijn stem zo zacht mogelijk houdend, het leek namelijk alsof het minste of geringste geluidje mijn hoofd zou kunnen doen ontploffen.
“Het lijkt wel of.. Nee, dat is onmogelijk..” Hij wreef even over zijn baardstoppels en voelde toen nog een keer over mijn scheen, die dik en gezwollen was. Het had een vreemd, blauw- rode kleur die niet paste bij mijn lichte benen.
“Je lichaam geneest blijkbaar snel, het lijkt niet op een breuk, eerder op een kneuzing. Maar ik zweer toch dat ik een half uur geleden een rechte breuk voelde. Dat zal dan wel aan mij liggen.” Hij glimlachte naar me en ik lachte een beetje wazig terug.
Hij porde zachtjes in mijn scheen en ik vreemd genoeg deed het geen zeer. Het voelde alsof het vocht dat in mijn scheen was gekomen de pijn verdoofde, alsof er watten boven mijn pijngevoelige zenuwen zaten.
“Voel je dat? Ik bedoel, doet het pijn?”
“Nee, niet echt. Het voelt een beetje verdoofd.” Nu sprak ik de waarheid en ik was er even verbaasd over als de dokter. Hij porde nog een keer, alleen nu zette hij iets meer kracht. Nu kromp ik ineen.
“Aha.. Nou,Valerie. Je moet toch maar even een röntgenfoto laten maken bij het ziekenhuis. Voor de zekerheid.” Hij pakte er een briefje bij en krabbelde iets neer in de beroemde onleesbare letters van een ware dokter, en gaf het aan mij. Ik stopte het briefje diep weg in mijn zakken en wilde opstaan, maar de dokter duwde me met een hand terug neer op het ligbed.
“Jammer genoeg moet ik je verzoeken tot dat het duidelijk is wat je aan je been hebt, niet te lopen of enige actie met je been te verrichten. Misschien zal dat de kneuzing of breuk erger maken. Je hebt een lelijke smak gemaakt zeg.”
“Maar..” Protesteerde ik.
“Geen gemaar, er zal iemand komen die je zal ophalen. Je ouders neem ik aan, of ander familie of gezinslid.”
Ik kreunde. Ze zouden me behandelen als een zieke als ze zouden zien dat ik zo hulpeloos was. Rose zou ontploffen en tekeer gaan tegen de gymleraar, mijn vader zou terwijl al de andere leerlingen erbij waren me op zijn rug nemen de auto in.. Dit kon ik niet laten gebeuren!
“Ehm, zijn mijn ouders al gebeld?”
“O, sorry. In al die haast om je weer bij bewust zijn te brengen hebben we dat even uitgesteld. Ik zal gelijk tegen Roberta zeggen dat ze meneer en mevrouw Owen moet bellen.” Hij glimlachte in een poging om me gerust te stellen, maar dit maakte me alles behalve gerust.
“Zou u dat alstublieft niet willen doen, mijn ouders krijgen een hartaanval als ze horen wat er is gebeurd. Ik wil ze niet onnodig ongerust maken, kan iemand anders me niet brengen? Dan kunt u mijn ouders bellen nadat we langs het ziekenhuis zijn gereden.”
Hij leek werkelijk na te denken over mijn voorstel, ik kruiste mijn vingers achter mijn rug. Alsjeblieft laat hij het doen! Smeekte een stemmetje in mijn hoofd.
“Maar het zijn je ouders!”
Ik hoorde toch een twijfeling in zijn stem doorklinken, en ik keek hem smekend aan.
“Alstublieft, ze zouden er alleen maar een onnodig drama van maken, en misschien is er wel helemaal niks aan de hand! U zei het zelf, misschien is het wel gewoon een kneuzing.”
“Niet gewoon een kneuzing! Dat vereist dagen rust en een goede behandeling en.. Nou goed dan, ik vraag een docent om je te brengen. Maar je belt zelf je ouders als je bij het ziekenhuis bent aangekomen en de test is gedaan. Is dat goed?” Ik knikte dankbaar, maar plots schoot mij een andere vraag te binnen.
“Hoe.. hoe gaat het nou met die jongen?” Mijn stem trilde terwijl ik terugdacht aan al dat bloed.
“Tja, hij ligt tijdelijk in het ziekenhuis. Hij had een zware hersenschudding en waarschijnlijk een gebroken neus. Hij is er slecht aan toe, jij daarin tegen hebt vreselijk geboft.”
“Ja, dat hoor ik wel vaker.” Mompelde ik zachtjes. “En hoe heet hij?”
“Volgens mij Jonas Tenningson, arme knul. Ik weet niet hoe hij die vreselijke val voor elkaar heeft gekregen.”
Ik kleurde rood en keek snel naar beneden om mijn rode gezicht te verbergen, maar hij merkte het niet. Snel ruimde de dokter zijn instrumenten op in een zwarte akte tas, zo een die meneer brompot ook gebruikte, zei gedag en liep toen haastig de deur uit. Roberta kwam haastig binnengewaggeld op haar pinguin- achtige manier en keek me met een bezorgd gezicht aan.
“Kindje toch! Ach nee, dat kan toch niet waar zijn! En dan nog wel op je eerste dag.” Ze schudde haar hoofd en maakte afkeurende geluidjes terwijl ze vanuit haar ooghoeken naar mijn been keek die er tamelijk slecht uit zag. “Wat heeft de dokter gezegd?” Vroeg ze, terwijl ze haar mollige arm uitstrekte naar mijn scheenbeen maar zich bedacht en deze vlug weer terug trok. Zenuwachtig speelde ze met de ring om haar vinger.
“Het is niet ernstig, in het ergste geval is het misschien een beetje gekneusd.” Loog ik, vandaag al voor de tweede keer. Ik haatte onnodige aandacht, en medelijden kon ik ook al niet uitstaan. Dus glimlachte ik bemoedigend naar haar.
“Dan is het goed, al ziet het er toch wel behoorlijk slecht uit. Meisje toch, meisje toch. Ze moeten jou vandaag wel hebben hè! Ik ga maar snel, zometeen word je als het goed is opgehaald.” Ze waggelde de kamer weer uit en trok de deur zachtjes achter zich dicht. Ik zuchte opgelucht, maar de deur was nog niet dicht of er stormde alweer iemand naar binnen. Dit keer kon ik het gezelschap wel waarderen. Het was Chloë.
“Val! Meid, wat heb je nu weer uitgevoerd!”
Ze had blijkbaar hard gerend en ze hijgde een beetje. Ze knuffelde me en keek toen met een schuine blik naar mijn gezwollen been. De kleur was nu een beetje rood- groen achtig geworden.
“Maak je niet druk, het vast gewoon een kneuzing.”
“Nou, zo ziet het er anders niet uit. Alsof er een olifant op heeft gezeten.”
Ik giechelde, maar Chloë’s gezicht stond toch ernstig.
“Man, en die olifant heeft nog een scheet gelaten ook. Wat stinkt dat spul zeg! Wat is dat?”
“De antibiotica ofzo, het ziet er geel- achtig uit..” Ik boog voorover naar mijn been en trok een gezicht.
“Doet het geen pijn?”
“Nu niet nee, maar daarstraks..”
“Ja joh! Je viel gewoon flauw van de pijn!”
“Dat was niet van de pijn maar dat bloed.”
“Bloed? Bloedde je ook nog? Getver.”
“Nee, Jonas bloedde, vreselijk hard. Die hele plas waarin in lag was van hem. Ik rook het en toen moet ik zijn flauwgevallen.” Ik rilde terwijl ik terugdacht aan de warme, rode vloeistof.
“Róók je bloed?” Ze trok een vreemd gezicht en herstelde zich toen. “Ik zie het ja.” Chloë wees naar mijn kleren, die onder het bloed zaten. Het was me inderdaad nog niet opgevallen, maar de bloedvlekken kleurden mijn vest en broek rood. Zelfs mijn gympen waren besmeurd, en ik vloekte hardop. Met mijn arm veegde ik over mijn wang, en deze voelde plakkerig. Het bloed had ik zelfs op mijn gezicht gesmeerd! Daarom keek iedereen dus zo bezorgd. Ik voelde me weer duizelig worden en knipperde met mijn ogen.
“Val niet flauwvallen!” Ze schudde me door elkaar heen. Ik glimlachte maar sloeg toen mijn hand voor mijn mond.
“Wat is er?”
“Ik dacht even dat ik zou gaan kotsen, jakkes zeg! Ik zit helemaal onder.” Mijn vingers veegde ik af aan mijn broek. Maar het hielp niet, en ik probeerde al helemaal niet te denken aan al dat bloed.
Het lukte niet.
Verdomme..
Chloë kreunde hardop.
“Wat een zooi, op onze eerste dag nog wel.”
“Alsof jij hier hulpeloos met een gekneusd been ligt zeg!” Riep ik verontwaardigd uit.
“Mijn god, ik had het gewoon kúnnen weten.”
“Wat nou weer?”
“Dat jij weer een of ander ongeluk zou veroorzaken! Ik hoorde dat die andere jongen er pas slecht aan toe was.”
Ik zuchte en zakte verslagen onderuit. Maar ik bleef maar weer stil liggen, mijn been bonkte als een bezetene.
“Kop op, het is niet helemaal jouw schuld.” Ze klopte me troostend op mijn rug en sloeg toen een arm om me heen.
“Wow, ik voel me nu echt veel beter.” Mompelde ik chagrijnig.
“Sarcasme is verboden hier!” Zei Chloë op een strenge toon, meneer de Groot imiterend. Met een vinger prikte ze plagend in mijn richting. Ik lachte weer, en zij grinnikte ook. Als we lachten leek alles veel minder erg dan het eigenlijk was, en dat wou ik zo lang mogenlijk rekken. Maar Chloë liep alweer richting de deur.
“Sorry, ik moet gaan Vallie. Ik mocht maar eventjes kijken, ik moet gewoon weer naar de les.” Ze trok een gezicht. “Pas op voor die David, het is net alsof hij iets van je wil.”
“Hoezo?” Vroeg ik verbaasd, en zette oprecht grote ogen op.
“Hij was de eerste die je te hulp schoot, en niet eens eerst die Jonas. Hij was ook degene die je optilde en naar de ziekenkamer droeg. Ik vertrouw hem niet hoor.”
Ze wandelde de deur uit, en haar woorden echoden nog na in mijn hoofd. Was hij degene die me toen optilde? Ik bleef als verdoofd naar de deur staren. David. Wat wilde hij dan van me? Waarom zou het hem iets uitmaken? Ik rilde onder mijn dikke vest, ondanks de verstikkende hitte die me nu pas opviel. Hij had me gewoon opgetild. De knappe jongen, die met de onweerstaanbare ogen. Toch werd ik er wel bang van, wat wilde hij in hemelsnaam van mij? Ik kon Madison maar niet uit mijn hoofd zetten en haar naam spookte sinds die tijd voortdurend door mijn hoofd.

Een zacht gepiep vertelde me dat de deur was opengegaan, en ik opende langzaam mijn ogen. Het laatste waar ik nu zin in had was het hele verhaal opnieuw vertellen, opnieuw mensen gerust te stellen. Ik zuchtte en keek naar de deur, maar tot mijn verbazing stond daar niemand.
“Hoe voel je je?”
Geschrokken draaide ik me om en keek recht in het gezicht van David, de gene die me hier naar toe had gedragen. Ik wist even echt niet wat ik moest zeggen. Beginnen met ‘mijn redder’ of ‘mijn held’ klonk nu echt veel te cliché in mijn oren.
“Eh.. goed denk ik.” Goed zo Val, hou het standaard, Keep It Cool.
“Dènk je?” Hij trok een wenkbrouw op, en keek me bezorgd aan. Zijn vraag had me compleet overdonderd, die vraag had ik nog niet gehoord. Hij was niet benieuwd naar wat de dokter zei, wat de schade was, maar naar hoe ík me voelde. Het was een vleiende vraag en ik voelde dat ik een beetje bloosde. Ik hoopte maar dat ik het vermogen kon opbrengen om niet flauw te vallen bij de aanblik van die mooie ogen die me nu bezorgd aankeken.
“Ik moet een röntgefoto laten maken, dan weten ze zeker of het een breuk is of een gewone kneuzing.”
“Ja, dat weet ik.”
“Hoezo weet je dat? Zelfs Chloë wist er niks vanaf..”
“Maar mij moesten ze wel meer vertellen, ik ben degene die je daar weg had gesleept.” Hij grijnsde plagend. “Ik ben dus eigenlijk je redder, een beetje waardering kan toch geen kwaad.”
“Ik hoefde niet gered te worden.”
Tevergeefs probeerde ik hem boos aan te kijken, maar het lukte me niet. Uiteindelijk glimlachte ik ook maar.
“Dat dacht ik ook niet nee, maar voor alle zekerheid begrijp je.” Even dacht ik dat hij weer een grapje maakte, maar hij keek ernstig uit zijn ogen. Toen hij merkte dat ik hem verbaasd aankeek herstelde hij zijn houding snel.
“Kom, je moet naar het ziekenhuis.”
“Ja, dat weet ik.” Zuchtte ik. “Maar ik wacht nog op degene die me moet brengen.”
“Daarom ben ik hier.”
“Jij?”
“Is dat zo erg dan? Je zult toch moeten worden verplaatst, je kunt niet eeuwig op dat ligbedje blijven. Je bent kwetsbaar, en je mag nog niet lopen van de dokter.”
“M.. maar, heb jij een auto dan?”
Hij knikte en maakte een luchtig gebaar richting het schoolplein, maar ik zag er geen auto staan. “Ik heb vorig jaar mijn rijbewijs gehaald.”
“Maar je bent toch nog veel te jong? Pas zestien.”
“Ik ben zeventien, een jaar blijven zitten. Heeft Chloë je al de roddels over me nog niet verteld?”
“O ja.”
Hij keek me schuin aan met een vreemde uitdrukking op zijn gezicht. Snel verbeterde ik me. “Ik bedoel, ze roddelt niet over je hoor.”
“Jij hoeft je niet te verontschuldigen, iedereen roddelt over ons.”
Ik nam aan dat hij met ‘ons’ Leon, Joshua, Emily en Loreley bedoelde. Ondanks dat er genoeg rede voor al die roddels waren had ik medelijden met hem. Hij zou wel erg eenzaam zijn, als hij alleen met zijn kleine clubje kon praten.
“Sorry.” Prevelde ik dus maar, en ik keek weer omlaag. Snel liet ik mijn haar half voor mijn ogen vallen zodat hij mijn gezicht niet kon lezen. Dat was iets dat ik altijd deed als ik nerveus werd, maar tot mijn grote verbazing stopte hij mijn haar weer achter mijn oor. Daarna trok hij vlug zijn hand weer terug, voor de eerste keer had ik hem kwetsbaar gezien. Dus normale mensen konden zich ook ongemakkelijk voelen, als je zo’n perfect persoon normaal kon noemen. Ik was in tegenstelling tot David niet geschrokken, eerder wat verbaasd. Ik voelde de plek waar hij met zijn vingers mijn wang had aangeraakt tintelen, en ik lachte gevleid naar hem. Maar hij keek naar de grond, doodzonde zou ik zeggen. Zulke ogen moet je delen met de rest van de wereld. Toen sloeg hij ze haastig weer op en leek zich te verontschuldigen.
Plots schoof hij zijn arm onder mijn rug en zijn andere onder mijn been. Wat was dat toch als hij me aanraakte? De eerste seconden was ik te verbaasd om antwoord te geven, daarna probeerde ik me uit zijn greep te wurmen.
“Doet je been pijn? Moet ik het meer ondersteunen?”
“Wat doe je? Laat me los!” Ik wilde het uit schreeuwen maar het kwam er eerder smekend uit. Dit was het moment dat ik erachter zou komen wat hij van me wilde. Zou het iets ergs zijn? Zoals Chloë vermoedde? Ik dacht aan de pijn die ik zou kunnen voelen als hij mijn been niet meer zou houden, en ik probeerde zijn arm onder me vandaan te duwen. Maar hij trok me van het ligbed af en plots lag ik daar in zijn armen, en ik voelde geen greintje pijn. Eerder een heerlijk, kriebelend gevoel in mijn buik, ik sloeg mijn armen om zijn nek met als excuus dat ik anders zou vallen. Maar zijn armen voelden ijzersterk en ik betwijfelde het dat hij me zou kunnen laten vallen. Op de een of andere manier kon hij mijn onderlichaam dragen terwijl hij mijn linkerbeen kaarsrecht hield zodat het geen pijn deed. Hij grijnsde een scheve glimlach waarbij mijn hart begon te bonken en het leek alsof het uit mijn borstkas zou gaan springen als hij zijn gezicht nog dichter bij me zou houden.
“Houd ik je zo goed vast?”
Ik knikte verlegen, want ik wist dat als ik een woord uit zou brengen ik zou gaan haperen. Ik rook zijn zoete adem terwijl hij weer lachte, vlotter dit keer.
“Je bent licht.”
“Opschepper.”
Hij lachte terwijl hij me naar de deur liep. Toen we in de aula kwamen waar nog een paar leerlingen wat huiswerk deden, scheurde ik snel mijn blik los van zijn gezicht en hield mezelf zo ver mogelijk van hem af. Ik zag Roberta plagerig grijnzen naar me, waarna ze me achter de rug van David om een bemoedigende knipoog gaf. Ik bloosde en keek snel weg van haar. Ik zag hem stiekem lachen. Shit, hij had het gezien. Ik hoopte maar dat hij mijn hartslagen niet zou kunnen horen, en ik hield zenuwachtig mijn adem in.
“Je hoeft niet bang te zijn dat ik je laat vallen hoor.” Zei hij zo zacht dat hij het haast fluisterde.
“Hoe bedoel je?” Piepte ik.
“Ik bedoel dat je wel mag ademen.” Hij keek me aan met een scheve lach en ik blies, nog steeds niet gerust, mijn adem uit.





David droeg me het schoolplein op en zette me in zijn auto. Het was een zilverkleurige Volvo, en ik zette grote ogen op bij het zien van de glanzende wagen. Waar zou hij het geld vandaan hebben gehaald? Zo’n familie wagen was vast wel iets meer dan wat maanden zakgeld waard. Toch hield ik mijn mond terwijl hij de achterdeur opende en me zijwaarts op de achterbank zette. Mijn benen lagen languit en besloegen de hele bank, hij frommelde wat aan mijn gordel en ik hield ongemakkelijk weer mijn adem in toen hij met zijn handen in een vloeiende beweging de gordel vast gespte. Even later reed de auto over de weg, en ik keek naar David terwijl hij vakkundig de auto bestuurde. Met een hand hiel hij het stuur vast en met de andere klapte hij het spiegeltje boven zijn hoofd uit. Ik verbaasde me over het feit dat de motor zo stil was, alleen als je heel goed luisterde kon je deze zachtjes horen ronken. Bomen langs de weg suisden voorbij, en ik besefte dat we wel erg hard reden.
“We zijn er.” David draaide zich naar me om en wees naar het grote ziekenhuis. Ik glimlachte en wachtte tot hij me weer op zou tillen van de achterbank.

Het ziekenhuis rook naar schoonmaakmiddel en ik trok een vies gezicht waar David om moest lachen. Hij duwde de rolstoel.
“Waarom moest ik nou persé in zo’n invalide wagentje. Ik ben zestien! Geen bejaarde.”
“Ik zou genieten van al die service.”
Ik maakte een brommerig geluidje. “Nou..”
“Geen zorgen, zometeen mag je je krukken.”
“Jippie, dan zie ik er straks niet uit als een gewonde bejaarde, maar als een een gestoorde oorlogsveteraan.”
David lachte. “En hoe gaat het met je been?”
Ik keek met een schuin gezicht naar mijn in verband verpakte been. Wat zag het er vreselijk uit! Veel ernstiger dan het eigenlijk was.
“Waarom heb je me opgetild en daar weggehaald?”
Hij zweeg even en ik voelde dat het tempo waarmee hij mijn rolstoel duwde verslapte.
“Je lag daar zo ongelukkig, in die plas bloed. Ik kon je toch moeilijk daar laten liggen. Sander wilde je van me overnemen, maar ik betwijfel of hij met zijn slappe armpjes je heelhuids naar Roberta kon brengen.”
“En Jonas dan?”
“De gymleraar bracht hem mee. Jonas was er erg aan toe, en al dat bloed..”
“Hoe zag hij eruit?” Mijn stem trilde.
“Bloederig, versuft. Volledig knock- out, verkreukeld..”
“Ja, stop maar. Dat beeld hoef ik me niet weer herinneren, zo meteen val ik weer flauw.”
“Zit je me nu te vertellen dat je niet flauw viel van de pijn, maar van het zien van Jonas zijn bloed?” Ik hoorde hem grinniken, ik schaamde me haast dood en wenste vurig dat ik zo door de grond zou kunnen zakken.
“Ik ben ook idioot, zelfs mijn eigen familie begrijpt me niet.” Mompelde ik zacht, maar hij hoorde me.
“Het is niet compleet idioot...” De ondertoon in zijn stem beviel me niet en ik draaide mijn hoofd omhoog om zijn gezicht te kunnen zien. Hij grijnsde breed naar me en weer bewonderde ik zijn welgevormde lach. Verward glimlachte ik maar terug en keek snel weer naar mijn handen die op mijn schoot friemelde aan mijn spijkerbroek.
“Oké, eigenlijk wel.” Lachte hij uiteindelijk en ik staarde boos voor me uit, naar de klapdeur van het ziekenhuis die langzaam dichterbij kwam.
Ik zuchtte terneergeslagen. Wat verwachtte ik dan? “En ik zie er ook vreselijk uit.”
“Zeur niet, je ziet er prima uit.” Zei hij, zo zacht dat ik het bijna niet kon verstaan. “Emh..” Vreemd genoeg hoorde ik twijfeling in zijn stem.
“Ja?”
Shit, dit zou het moment zijn waarop hij me zou dumpen omdat hij had ingezien dat ik de saaiheid zelve was. Rek dit moment! Zeg iets slims, grappigs, iets dat hem weer van gedachten kan veranderen. Maar ik hield nog steeds mijn lippen stijf op elkaar. Zeker.. Erg intelligent.
“Wil je misschien nu even met mij iets gaan drinken?”
Ik voelde mijn gezicht verbaasd kleuren. Wow, vroeg hij me nu net mee uit? Ik kon mijn oren niet geloven, misschien plaagde hij me ofzo. Wat ik vervolgens zei was wel zó vreselijk stom, later zullen mijn kleindochters nog aan me vragen of ik wel helemaal goed bij mijn hoofd was en zij misschien ook wel dat gestoorde gen zouden hebben geërfd.
“Maar moet ik niet naar school ofzo..”
Jaa!! Natuurlijk wil ik gaan, ik wilde niks liever! Maar ik hield me met moeite in, mijn handen jeukten om mijn mobieltje te pakken en Chloë in haar oor te tetteren dat een onwijs leuke jongen me zonet had uitgevraagd. Maar ook dat ik hield ik in, en ik bleef volkomen rustig voor me uit staren terwijl ik me afvroeg of hij mijn gezicht zo kon zien.
“Je hebt een gewond been, je mag niet eens naar school. En ik heb een briefje van de lerares, en anders zou ik zo een middagje spijbelen hoor.”
“Voor mij?”
“Waarom niet?” Ik hoorde een glimlach doorklinken in zijn stem en mijn hart maakte een gelukzalig sprongetje van blijdschap. Voor mij..
“Oké, dan graag!” Het flapte eruit voor ik het tegen kon houden en ik grijnsde blozend, en hoopte maar dat hij werkelijk mijn gezicht niet kon zien.

Mijn linkerbeen rustte op de derde stoel die een ober voor me had aangeschoven, en ik nipte van mijn Spa rood, waar ik normaal niet veel van dronk. Maar omdat ik niet wist wat ik moest zeggen en de stilte maar bleef aanhouden, bleef ik maar drinken en de prikkelende bubbeltjes brandden in mijn keel.
We zaten binnen in een armzalig cafeetje, maar ik vond het prima zo. Vreemd genoeg voelde ik me toch ook wel een beetje op mijn gemak bij hem, wonderbaarlijk goed op mijn gemak. Ik betrapte mijzelf er soms op dat ik naar zijn ogen staarde en zo helemaal de omgeving kon vergeten. Zijn kleur ogen was zo mooi, zo sprekend. Hij staarde mij ook aan, op de zelfde vreemde manier alsof hij iets probeerde te ontdekken aan me, alsof ik een vreemd dier in de dierentuin was. Pas ontdekt, maar het kon me niet zoveel schelen, misschien nam hij me alleen maar mee uit omdat hij me interressant vond, omdat ik zo nieuw was. Of zo klunzig. Dat zou me ook niks kunnen schelen. Op dit moment zat ik tegenover de mooiste jongen van de school, en ik mocht daar al dankbaar voor zijn. Zijn mond vertrok tot een vriendelijke glimlach.
“Wat is er?”
Ik bleef staren en zuchte, het plastic lepeltje tikte tegen de rand van mijn beker en klingelde zacht terwijl mijn vingers door de Spa bleven roeren. Al had ik geen flauw idee wat voor nut het had.
“Je hebt gewoon van die prachtige ogen.” Het flapte eruit voor ik er erg in had, en ik beet zenuwachtig op mijn lip wachtend op zijn reactie.
“Prachtig zeg je?” Zijn stem klonk zelfvoldaan, of verbeelde ik het me?
“Sorry.” Murmelde ik. Kon ik nog iets genanters zeggen? Ik durfde niet te bekennen dat zijn ogen zó mooi waren dat als ik er naar keek mijn adem stokte in mijn keel en mijn maag vreemd kriebelde. Hoe zou hij daarop reagen? Ik wilde het niet eens weten. In plaats daarvan probeerde ik de pijnlijke stilte te doorbreken.
“Hoef je niks te drinken? Ik wil wel trakteren, als een soort vergoeding voor het rijden van mijn rolstoel en de lift naar het ziekenhuis.”
“Nee hoor, dat hoeft echt niet.” Zijn licht gebruinde vingers speelden met een onderzettertje. Zou hij ook een beetje zenuwachtig zijn?
“O oké, ik voel me een beetje egoïstisch namelijk. Terwijl ik zo in mijn eentje iets zit te drinken. Heb je echt geen dorst?” Voegde ik er eerlijk aan toe. En David keek verbaasd op.
“Alleen? Ik zit hier toch naast je?”
“Waarom kwam je eigenlijk niet naar me toe tijdens de pauze zoals je beloofd had? Ik wachtte op je, maar je kwam niet.”
“O sorry! Ik was het helemaal vergeten, Sander sleurde me mee naar een tafel met allemaal kinderen en toen raakte ik in gesprek met Lorayne en ik was Chloë kwijt en toen gingen we haar zoeken en..”
“Als je niet wilde hoefde het niet hoor, ik snap wel dat alles een nogal eng is op de eerste dag.”
Ik geloofde geen woord van wat hij zei, en het bleek dat hij mijn zinnen ook niet helemaal begreep. Graag wilde ik bij hem komen zitten, snapte hij dat nou maar!
“Ik kon gewoon geen woorden vinden om het aan Chloë te vragen, ik zou graag willen dat ze bij mij kwam zitten.”
“Ik snap het wel. Je hoeft je niet te verontschuldigen. En die Sander zit wel erg achter je aan hè.”
Hij trok een wenkbrauw vragend op, maar vertoonde verder geen emoties bij die vraag.
“Sander?” Mompelde ik verward, overdonderd door zijn directe vraag. “Hij is.. gewoon een vriend, leidde me ook een beetje rond enzo.”
“Mmm.. Nou, hij keek me nogal fel aan toen ik je optilde van de gymzaalvloer.” Hij grinnikte achter zijn hand, en ik keek hem schuin aan.
“Sander? Die zit echt niet achter me aan, waarom zou hij?”
“Vraag het aan hem, en ik kan wel een paar goede redenen bedenken.”
“Waarom doe je dit?”
“Wat?”
“Met me uitgaan, me naar de ziekenzaal dragen, de moeite nemen om me helemaal naar het ziekenhuis te rijden en het risico lopen om zometeen korreltjes gestold bloed op je achterbank te vinden..” Mijn stem klonk ook zacht, en twijfelend.
“Het is je eerste dag, en al die ongelukken die je alsmaar overkomen. Ik bedoel, ik wil gewoon aardig zijn, Lorayne bijvoorbeeld had precies hetzelfde voor je gedaan. En Sander heb je dan nog ook natuurlijk.”
Ik grijnsde. “Maar jij was ze voor.”
“Ik zei toch dat ik wat sneller zou zijn voortaan.”
“Je wilt niet weten hoe dankbaar ik je ben.”
“Vertel.” Hij keek me plagend aan en streek met een hand door zijn haar. Ik probeerde net zo sexy uit mijn ogen te kijken als hij de hele tijd deed, maar het zag er vast vreselijk uit. Toch bleek het een goede uitwerking te hebben, want hij sloeg verlegen zijn ogen neer!
“Dat zou je zelf vast ook wel kunnen bedenken, ga maar na. Maar het meeste geluk had ik toch omdat ik je tegen kwam in de aula, om me de weg te wijzen. Zonder die hulp was ik misschien wel in een bezemkast terecht gekomen, denkend dat het het Nederlandse lokaal was.”
“Het zou me niks verbazen nee.”
“Hé!” Riep ik verontwaardigd uit, en ik deed een paar pogingen om hem beschuldigend aan te kijken. Maar David moest er alleen maar om lachen.
Plots stond hij op van zijn stoel en liep naar de bar, ik volgde hem met mijn ogen en probeerde niet te staren. Meisjes leken hem maar al te graag te willen helpen en de barman werd prompt vervangen door een knap, chinees uitziend meisje dat hem vleiend aankeek en overdreven met haar wimpers knipperde terwijl ze om een bestelling vroeg. Boos hield ik mijn adem in, maar ik kon me toch wel in haar verplaatsen. Tot mijn opluchting negeerde hij haar pogingen tot verleiden en vroeg om de rekening. Geïrriteerd gaf ze hem zijn wisselgeld en liep toen verward weg nadat hij haar een van zijn oogeverblindende, beleefde glimlachjes schonk. Nu kon ik haar zeker begrijpen, waarschijnlijk merkte hij zelf niet eens wat voor indruk hij maakte op meisjes zoals dat barmeisje. Of op mij. Hij liep weer terug naar me en gaf me mijn krukken, onhandig probeerde ik op te staan en na een paar seconden onhandig te hebben gewiebeld stond ik dan uit eindelijk. David liep vlak naast me en beweerde dat hij me zo zou ondersteunen als ik dat wilde, ik voelde me vereerd maar schudde koppig nee. Ik wilde bewijzen dat ik toch niet zo’n grote kluns was als hij vast dacht. Maar door mijn slome tempo op de onhandige krukken kwamen we pas na drie jaar bij de auto.
“Heb je nu dan eindelijk genoeg van me?” Vroeg ik, terwijl ik onhandig voorin de auto probeerde te stappen zonder mijn been op nog eens vier plaatsen te breken.
“Hoezo dat?”
“Ik zou me goed kunnen voorstellen dat je me door mijn irritante klunzigheid zo uit de auto zou kunnen gooien.” Ik lachte, maar ik meende het echt.
“Natuurlijk niet, je hebt toch een gekneusd been. Die is trouwens waarschijnlijk vanavond al helemaal over.” Hij startte de auto en de motor gromde zachtjes terwijl de auto warm draaide. Het was koud buiten, dus de verwarming werd aan gedraaid.
“Maar de dokter zei dat..” Antwoordde ik verward. Vanavond? Maar dat was onmogelijk! Dat zou nooit kunnen, wat dacht hij wel niet? Hij moest inderdaad dommer zijn dan ik dacht, ondanks zijn welbespraaktheid, mooie accent.. Het was ook onmogelijk om te denken dat een jongen behalve prachtig en ongelooflijk sexy ook nog eens een intelligent zou kunnen zijn. Vandaar dat ik het hem wel vergaf.
“Kijk, er is nog een rede waarom ik je zo vaak mogelijk probeer te helpen.” Begon hij, ik hoorde de twijfelende, lichte trilling in zijn stem.
“Ik denk namelijk dat je eh.. god, hoe zeg je dat? Dat je een soort van gave hebt om dingen te genezen, inclusief jezelf.”
Even staarde ik niet begrijpend voor me uit. Toen barstte ik in lachen uit.
“Ja hoor, dat zal wel. Als dat zo was dan hoefde ik niet elke keer weer naar het ziekenhuis vanwege verwondingen zoals je vandaag zag!” Grinnikte ik. Maar mijn lach verdween toen ik zijn zorgelijke gezicht zag. “Sorry..” Mompelde ik.
“Nee, het klinkt inderdaad een beetje raar. Maar ga eens na hoe vaak je in het ziekenhuis hebt gelegen en hoeveel littekens je hebt. En heb je ooit langer dan een paar dagen last gehad van een verwonding?”
Ik ging verward alle keren na dat ik weer eens een stom ongeluk veroorzaakte. De keer dat ik van een rots viel in Frankrijk, dat ik met mijn hoofd tegen een kapstok viel, trapte op een broodmes en nog veel meer pijnlijke gebeurtenissen. De beelden duizelden voor mijn ogen. Hij had gelijk! De woorden van al die honderden doktoren galmden na ik mijn hoofd. ‘Vreemd genoeg is het geen breuk.. Gister was het nog een ernstige beschadiging, warempel, ik dacht toch echt dat het een breuk was.. Het zal wel aan mij liggen..’ Ik hield koortsachtig mijn hand tegen mijn hoofd, mijn arm trilde.
“Je hebt gelijk..” Fluisterde ik. “Maar hoe? Nee, dit is gewoon toeval.” David legde zijn hand op mijn schouder.
“Rustig nou maar, het is echt een soort gave denk ik. Je zou er blij mee moeten zijn. En ik.. ik dacht dat je het misschien wel zou willen weten.”
“Maar hoe wist jij dat dan? Dat ik die ... genezende gave heb?” De woorden klonken absurd, ongeloofwaardig, gewoon te gek voor woorden. En ik begon ze nog te geloven ook. David bracht werkelijk mijn hoofd op hol.
“Ik kan mensen makkelijk doorgronden..”
“Doorgronden?”
“Het is ook een soort van gift, ik kan mensen zien. Zien van binnen zou je kunnen zeggen, hoe ze zich voelen. Wat de bijzonderheden zijn, en bij jou ging dat zo moeilijk. Dus ik dacht dat je misschien ook wel een soort van gave had, dat je jezelf beschermde tegen anderen. En zo’n sterke verdediging had ik nog nooit bij iemand meegemaakt, wordt alsjeblieft niet boos.” Het klonk smekend, en ik keek hem schuin aan.
“Boos? In hemels naam, waarom? Dit is een goed teken.. toch?”
“Heb je niet meer vragen?”
“Ik ehm.. Ja, nee.. Misschien morgen dan. Ik voel me een beetje ..”
“In de war?”
Ik knikte kort en staarde wazig uit het raam. De rest van de rit zwegen we allebei, ik voelde me verdoofd. Wazig en versuft. Wat hij zonet had verteld klonk zo waar, maar toch ook weer zo vreemd. Hoe kon ik die onzin nou weer geloven? Maar het bekende stemmetje in mijn achterhoofd piepte dat het nog waar kon zijn ook, maar waarom zou me het dan nooit zijn opgevallen? David reed hard, maar het kon me niks schelen. Hij kon ons tegen een boom aan rijden en waarschijnlijk zou ik het dan nog niet eens merken.
“Gaat het een beetje?” Klonk een gedempte, maar bekende stem. Ik ontwaakte uit mijn verdoofde toestand en keek opzij naar de bron van die prachtige stem. Zijn ogen stonden bezorgd, zijn lippen stonden een beetje open en hij was zo net een goddelijk standbeeld. Zonder dat ik het echt merkte strekte ik mijn hand uit en raakte met mijn vingertoppen zijn wang aan, en streek zachtjes van zijn wang naar zijn onderlip. Ik volgde de perfecte lijnen van zijn gezicht, de licht gebronsde huid voelde koud en hard aan, maar toch fluweel zacht. Ik kon het niet beschrijven, maar het voelde goed en mijn vingers bleven rusten op zijn kin. Toen pas voelde ik mijn hand trillen. Snel trok ik hem terug en kreeg een kop als een boei. Maar hij was de hele tijd als een soort standbeeld blijven zitten, zijn ogen gesloten. Zijn gezicht toonde geen enkele emoties, en zijn mond vormde een rechte lijn. Ik bleef staren naar zijn perfecte gezicht, zijn lichte oogleden en donkere, sprekende wimpers. Hij stapte uit de auto, en sloeg het portier dicht. Ik had niet eens gemerkt dat we al voor mijn huis stonden. Het schemerde al een beetje en ik zuchte. Wat had ik in hemelsnaam gedaan? Mijn portier werd geopend, en ik strompelde eruit. David staarde naar zijn voeten en bleef weer onbeweeglijk staan.
“Sorry, het spijt me.. ik...” Verder kwam ik echter niet, David zette een stap in mijn richting. Ik rook zijn zoete adem, en keek omhoog naar zijn gezicht. Zijn glanzende bruine haar viel een beetje voor zijn ogen en waaide in de koude wind een beetje heen en weer. Ik ademde snel in om niet te sterven aan zuurstoftekort, terwijl mijn hart het bloed onnodig snel door mijn aderen liet pompen. Ik voelde dat hij me gefascineerd aanstaarde, maar ik negeerde het en sloot mijn ogen toen ik plots zijn gezicht vlak voor het mijne voelde. Toen ik mijn ogen opende zag ik geen enkele oneffenheden in zijn perfecte huid, maar mijn ogen gleden gelijk weer naar zijn intense ogen. Het volgende moment bracht hij zijn lippen naar mijn mond en kuste hij me. In een hevige impuls sloot ik mijn armen om zijn hals en klemde mijn vingers vast aan zijn haar terwijl ik hem terug kuste. Zijn lippen voelden teder en heerlijk warm, en de vlinders dartelden rond en kietelden mijn buik terwijl hij zijn hand over mijn wang liet glijden. Het duurde maar even, en toen lieten we elkaar los. Of beter gezegd, hij liet mij los. Het liefst was ik zo uren blijven staan, maar dat zou me waarschijnlijk een hartverzakking bezorgen aangezien ik mij hart voelde bonken tegen mijn borstkas. Hij hijgde een beetje en staarde me verschrikt aan met zijn goud- bruine ogen waar ik in kon verdrinken, als hij me zou toelaten. Tot mijn verbazing glimlachte hij naar me.
“Doe dat alsjeblieft nooit meer Valerie Owen, je bezorgd me nog eens een hartstilstand.” Ik grijnsde verlegen en steunde zwaar tegen de volvo van David aan, zijn ogen niet loslatend. Zo keken we elkaar in de ogen, lachend, ik nog bedwelmd en helemaal in de wolken.
Het voelde alsof ik wel twee kneuzingen hand, niet alleen in mijn kloppende been, maar een nog beter voelbaarder in mijn maag, die zich, telkens als hij me aankeek, omdraaide.
Toch deed het dit keer verre van pijn.



Aantal keer bekeken: 2646
Waardering: 7.39 op 10
Geef een cijfer:

Alle rechten voorbehouden 2005-2018 - www.verhalenlezen.nl


Verhalen

Wilt u een verhaaltje lezen uit één van de onderstaande categorieën? Klik dan gewoon op een categorie en u komt op de pagina met de verhalen van deze bepaalde categorie.

Verhalen posten

Hebt u zelf een verhaaltje geschreven? Of een onvergetelijke blunder tegengekomen, of iets anders. En je wilt er anderen mee amuseren, lezen? Met verhalenlezen.nl kan dat geen probleem zijn. Klik hier om een verhaal te posten!


Statistieken

Totaal verhalen: 5175
Totaal categorieën: 10
Totaal 9 bezoekers online