Verhalenlezen.nl - Voor al uw verhalen en sprookjes. Ook hebben we liefdes verhalen en erotische verhalen.

Atlantis Kosi Polido Hoofdstukken 1 en 2.

U leest om dit moment het verhaal Atlantis Kosi Polido Hoofdstukken 1 en 2 gepost door Glenn Casier. Dit verhaal is gepost in de categorie spannende verhalen. Wilt u een zelf geschreven, of een mooi verhaaltje posten? Klik daarvoor hier.

Wilt u terug naar spannende verhalen?
Categorie: spannende verhalen
Gepost door: Glenn Casier
Gepost op: 2007-1-11

Verhaal:

Atlantis Kosi Polido Hoofdstukken 1 en 2
INLEIDING

Ooit had je wetenschappers wiens kennis reikten over heel de Middellandse Zee. Alles was gekend door formules en bevindingen tot in de diepste details. Ze waanden zich goden en hun schepping verborg geen geheimen. Maar toch was er die ene smet, het onbekende!
Want eens voorbij de Zuilen van Hercules - vandaag beter bekend als de Straat van Gibraltar - was daar de Atlantische Oceaan met het mysterieuze eiland Atlantis!
Enkele ontdekkingsreizigers - eerder avonturiers - waagden de oversteek naar het eiland. Bij hun terugkeer vertelden deze dapperen dat ze enorm onder de indruk waren. Atlantis was het land van melk en honing, de bevolking wist niets van kommer en kwel. Deze mensen leefden in rijkdom en volstrekte harmonie. Men toonde respect voor slaven, want ook zij waren een geschenk van de goden. Slaven werden niet onderdrukt en kenden een gelukkig bestaan.
Kortom, de perfecte plaats!
En op Atlantis begint ons verhaal…

HOOFDSTUK 1

De zon rees langzaam op uit het oosten. Het zonlicht kroop doorheen de straten van Netsö - Atlantis had 10 provinciën met aan het hoofd en koning, dit was de meest oostelijkste provincie - en worstelde de deurspleten binnen om de bewoners te wekken.
Zo ook de jongeman Kosi Polido. Halsstarrig bleven zijn ogen potdicht. Laat me nu niet ontwaken uit mijn droom, dacht hij. Een slaaf kwam de slaapkamer binnen:
‘Goedemorgen, heer! Opstaan!’
Kosi sprong uit bed. ‘Breng me mijn kleren,’ beval hij. De slaaf boog en voerde de order uit. Kosi kon geen enkele slavennaam uit het hoofd. Dat kwam doordat ze haast allemaal hetzelfde uiterlijk hadden. Ze waren blootsvoets en droegen een exomis - witte doek die met een speld of knoop op de schouders werd vastgemaakt - tot op de knieën. Bovendien hadden zowel mannen en vrouwen kort haar. Anders dan Kosi wiens lange, elegant gekrulde, kastanjebruine haar los hing. Ook de kledij verschilde. Zijn ledematen werden omhuld in een mouwloze citwn - onderhemd bestaande uit twee vierkante stukken stof, samengenaaid op de schouders met knopen - dat reikte tot de dijen. Daarboven droeg Kosi een imation - het belangrijkste kledingstuk van de man. Soort bovenkleed of mantel. Het was een rechthoekig stuk stof dat dubbelgevouwen werd waarna de bovenrand omgeslagen wordt. Het geheel werd opgehangen met knopen of sluitspelden -.
Sandalen beschermden zijn voeten en een petasos - brede hoed als bescherming tegen de zon - volmaakte Kosis uitrusting. Hij liep over de kleurrijke vloer met mozaïek. Duidelijk was Kosi welgesteld. Kosi kon niet anders als je vader de functie haveneigenaar bekleedde. Alles oogde gezellig. De muren waren gepleisterd en hadden soms vrolijke wandtapijten gemaakt door de moeder van Kosi. Hij verliet het andron - mannenverblijf in de huizen, tegenpool was gynaecium (= vrouwenverblijf) -. Wanneer Kosi de keuken binnenwandelde, schonken de slaven hem een lomp honingbrood. Terwijl de jongen zijn ontbijt verorberde, ging hij de binnenplaats op - waar in het midden een waterput pronkte om - om de woonst te verlaten. Vandaag stond een uitstap naar Capita op het programma!

Kosi arriveerde aan de haven. Hij zag 6 slaven dienstbereid die reeds plaatsgenomen hadden in een kleine houten boot met zeil. Natuurlijk was het eigendom van zijn vader! Elk van hen had een roeispaan in de hand.
‘Waarheen, meester?’
‘Capita.’
Varen was het populairste transportmiddel. Atlantis was een echte zeenatie. Je had kanalen om van provincie naar provincie te gaan. Niet te verwonderen dat handel de voornaamste economische activiteit was!
De onderdanen startten met roeien. Het was moeizaam, er was namelijk geen zuchtje wind die de boot gezwind een duwtje gaf. Zoals steeds om de tijd te dooien, mijmerde Kosi over zijn handen. Hij hield de linker- en rechterhandpalm naast elkaar. De handnerven kronkelden in alle richtingen en je zag een ster en een golf die het hele hemellichaam opslorpte, behalve de bovenste sterpunt. Kosi wist dat het iets betekende. Maar wat?
Abrupt werd hij uit zijn overpeinzingen geschud als Capita zich aan de horizon schilderde…

HOOFDSTUK 2: SIRIUS

Capita was de indrukwekkendste stad, geconstrueerd uit cirkels. De binnenste was de stadskern met ondermeer het koninklijk paleis en de tempel van Poseidon, zeegod en beschermer van Atlantis! Hier rond had je een kanaal, gevolgd door een nieuwe boog eiland met natuurbronnen, sportterreinen en weiden waar dieren - zelfs olifanten - vrij rondhuppelden. Deze stadsdelen waren verbonden met een brug. Het laatste omringende stuk kanaal diende als bescherming tegen gevaar. In zijn geheel leek Capita zo’n roodwitte hypnocirkel!
Kosi ging aan wal. Hij weigerde het gezelschap van de slaven opdat hij de hele dag alleen wenste te zijn. Zodoende kuierde Kosi nagenietend langs de sportterreinen. De atleten trainden de zielen uit hun lijf. Ze puften bij het oefenen van hardlopen, speer- en discuswerpen, paardenrennen,…
Sportidool van Atlantis, het doel dat deze sportmensen voor ogen hadden. Minder volstond niet!
De zon brandde intussen verschroeiend. Gelukkig bereikte Kosi een bos en de bomen schonken hem deugddoende schaduw. Hij hoorde een klaterend meertje. Kosi sloop er naartoe. Juist buiten het bos was er een weide met grasgroen heuveltje met rondom een plas zuiver water, dankzij de bron die op de top ontsproot. Het meertje zelf werd omsingeld door een typisch, zomers tafereel: hinnikende paarden, zoemende bijtjes, geurende bloemen,… Kosi vormde een kommetje met zijn handen, schepte water en dronk. Zalig, het gevoel van verfrissing dat door je aderen stroomde!
Hij draaide zich om en stond oog in oog met een reusachtige olifant. Zijn ogen waren fijngeknepen, roetzwarte spleetjes. Het dier trompette schril en stampte dreigend met de poten. Ineens was mijlenver geen enkel teken van leven te bespeuren, de stilte heerste.
Kosi wist dat deze woedende olifant hem wou vertrappelen! De enige optie was vluchten om de strijd tegen de natuur niet te verliezen! Hij spurtte zigzag weg, de olifant achtervolgde met de slurf vervaarlijk maaiend in de lucht. Dit duurt niet lang, vreesde Kosi en prevelde schietgebedjes. De duisternis doemde voor zijn ogen en hij hoorde een bulderlach.
De lach van onderwereldgod Hades, de lach van de nakende dood!
Er zoefde vliegensvlug een pijl langs Kosis oor en raakte het oog van de olifant. Het beest brulde en bleef ter plaatse bonken met zijn poten, in de hoop dat de ondraaglijke pijn hem zou verlaten.
‘Ga weg!’ schreeuwde de schutter Kosi toe. Hij zat op een maagdelijk wit paard met pijl en boog in aanslag. Kosi was enorm onder de indruk. Oordelend naar zijn uniform, moest deze imposante verschijning het leger van Atlantis dienen.
De spierbundel had twee bronzen platen die aan voor- en achterzijde werden gedragen. Niet de enige bescherming; schouderplaten, hals- en beenbescherming maakten ook deel van het uniform.
Hemelsblauwe ogen en blond haar sierden hem als een knappe soldaat.
De olifant was intussen klaar om zijn belegering verder te gaan, maar liet Kosi voor spek en bonen en stormde als een ziedende stier bij het zien van rood op de soldaat af. Laatstgenoemde bleef ijzig kalm, spande zijn boog opnieuw, zocht doel en…RAAK! Het andere oog van de olifant! Het dier was nu blind. Hij blies de aftocht, treurend om het verlies van zijn ogen.
De trotse soldaat glimlachte nagenietend.
‘Bedankt,’ zei Kosi, ‘Wat is uw naam?’
‘Sirius.’
‘Sirius,’ herhaalde Kosi, ‘Waarom doodde je de olifant niet?’
Hierop antwoordde de soldaat wijs: ‘De ziel spreekt via de ogen. Blindheid is de ergste straf omdat de ziel zich niet langer meer kan uiten. Zelfs een traan betekent goud.
Het is erger dan de dood!’
Plots hoorde het tweetal hoefgetrappel. Uit het bos verscheen een centaur! Het vuurrode paard met bovenlichaam van een mens was zo kaal als een biljartbal, zijn kinbaardje kon dit feit onvoldoende compenseren.
Hij ontblootte zijn afschuwelijk gele, scheve tanden:
‘Vrees niet! Ik ben Jachelles, gezonden door Apollo!’

dragonball_63@hotmail.com

Aantal keer bekeken: 2876
Waardering: 6.50 op 10
Geef een cijfer:

Alle rechten voorbehouden 2005-2018 - www.verhalenlezen.nl


Verhalen

Wilt u een verhaaltje lezen uit één van de onderstaande categorieën? Klik dan gewoon op een categorie en u komt op de pagina met de verhalen van deze bepaalde categorie.

Verhalen posten

Hebt u zelf een verhaaltje geschreven? Of een onvergetelijke blunder tegengekomen, of iets anders. En je wilt er anderen mee amuseren, lezen? Met verhalenlezen.nl kan dat geen probleem zijn. Klik hier om een verhaal te posten!


Statistieken

Totaal verhalen: 5175
Totaal categorieën: 10
Totaal 12 bezoekers online